Walraven van Osch, werkzaam op de Munt tussen 1690 en 1712.

Walraven van Osch legde in 1690 samen met muntmeester Johan van Romond een verklaring af over het zilver dat de Munt was toegezonden door een Amsterdamse koopman. In 1693 legde hij een verklaring af over het openen van het essayeurskamertje in opdracht van Johan van Rijnevelt wegens de afwezigheid van essayeur Frederik Eliot. Tot slot duikt zijn naam in 1712 op in een proces waarbij een brouwer van hem nog vier gulden eist voor geleverd bier. De eisende partij noemde Van Osch muntgezel, maar zijn naam ontbreekt in het Instructieboek.

terug

www.silverresearch.org
© Luijt/Houtman