Johan van Haeften, gedoopt in de Dom op 9 juni 1743 (doopgetuigen waren Nicolaes van Haeften en Ida Cornelia van Buitenhem), waardijn tussen 1770 en 1798, zoon van Johan van Haeften (raad in de Vroedschap en extra-ordinaris, raad in de Ed Hove Provinciaal) en Adriana Aletta Storm van 's-Gravesande.

Johan van Haeften was advocaat en legde voor het eerst de eed als waardijn af in 1770 en voor het laatst in 1797. In september 1772 was Van Haeften niet aanwezig en werd zijn functie als waardijn waargenomen door de essayeur. Van Haeften klaagde in 1773 over muntmeester Holtzheij, omdat hij met het munten was begonnen in afwezigheid van de waardijn. Van Haeften verzocht in 1798 weer de functie van waardijn te bekleden. Het waardijnschap werd op dat moment waargenomen door J. van Koningsberger. Het provinciaal bestuur verklaarde zich niet te willen mengen in een dergelijke zaak. In 1798 werd hij opgevolgd door Jan van der Weert. In het register voor de inning van de honderdste penning in 1793 ontbreekt zijn naam.


Hij is getrouwd in Westbroek in het jaar 1765 voor de kerk, op 22-jarige leeftijd met
Cornelia van Eeten.

terug

www.silverresearch.org
© Luijt/Houtman